Geschiedenis| start van de vereniging | verenigingsnaam |start van de verenigingRugby Club The Bassets is in 1978 ontstaan uit een groep vrienden. Zij ontmoetten elkaar regelmatig in toenmalige Bar ''t Zoldertje', aan de Hoofdstraat in Sassenheim. De Bar had in die tijd net een nieuwe eigenaar: van der Geest uit Noordwijkerhout. Hij wilde met de bar een 'Engelse Pub image' opbouwen. Er kwamen dartteams, er werd Engels bier geschonken en het interieur werd 'Engels' gemaakt.Zo moest er natuurlijk ook een rugbyteam komen... Een inschrijflijst was al snel gevuld met sportieve bezoekers, waarna besloten werd maar eens te gaan trainen voor een wedstrijd tegen het Leidse DIOK, toen nog spelend in de Kikkerpolder. DIOK-ers en doorgewinterde rugbyers Teun de Reede en Nico van Seggelen verzorgden de eerste trainingen en leerden de Sassenheimers snel het spel en de sociale tradities. Het kersverse Sassemse team wist niet wat er gebeurde die eerste wedstrijd -tegen DIOK I (!)-, maar genoot volop. Ondanks het verlies met ongeveer 100-0 stonden het uitputtende spel, de discipline (... niet zeuren als de DIOKse scheids een buitenspelpositie zo afstrafte dat die speler dat ook nooit meer zou doen) en natuurlijk de derde helft hen zo aan, dat ze besloten meer rugbywedstrijden te gaan spelen. Meer wedstrijden spelen betekende automatisch het oprichten van een officiële vereniging. Dit gebeurde op 1 juli 1978 in toenmalig restaurant 'Het Bruine Paard'. verenigingsnaam Het vinden van een naam was niet gemakkelijk. De naam 'Rugbyclub Sassenheim' bleek geen optie. In diverse besprekingen met de gemeente over een eigen veld en clubhuis werd het verenigingsinitiatief niet echt met open armen ontvangen. Het werd gezien als een opwelling van een stel wilde inwoners, er was al een enorm veldentekort en tja... wat was rugby nu eigenlijk? Toen het bestuur voor een van die besprekingen eens werd afgescheept met de woorden: "Sorry, ik heb nu even geen tijd want de thee is net ingeschonken", was definitief duidelijk dat een andere naam gekozen moest worden.De naam The Bassets werd gekozen tijdens een bespreking aan de bar, toen de kersverse Basset-pup van de voorzitter over de bar wandelde. Het diertje had een eigenwijze, vermoeide en groeiende uitstraling. Daarnaast was het toen een trend om rugbyclubs Engelse dierennamen te geven. Namen als Oysters, Rams, Bulls en Ducks komen allemaal uit die groeiperiode van het Nederlandse Rugby in de jaren '70. de groeiHet uitgroeien van 'pup' naar volwassen vereniging viel niet mee. Door het ontbreken van een veld moesten alle wedstrijden die eerste seizoenen uit gespeeld worden. Het eerste seizoen werd zelfs afgelast wegens slechte weersomstandigheden. Ondanks deze teleurstellingen groeide het enthousiasme van de Sassenheimers voor de rugbysport en de vereniging. Er werden echte rugbyshirts besteld in Engeland, er kwam een clubblad, er werden bijeenkomsten georganiseerd en de eerste officiële trainer werd aangetrokken: Frans van der Wees van RC Te Werve.Bar 't Zoldertje was intussen uitgegroeid tot clubhuis van The Bassets. De meeste plannen voor het verder opbouwen van de vereniging werden daar bedacht. Peter Brandt sr. van DIOK droeg hier veel aan bij en o.l.v. de inmiddels nieuwe voorzitter Peter van Kesteren werd op en rond het veld fanatiek gestreden om erkenning. Want nog steeds waren velen de (onuitgesproken) mening toegedaan dat deze club maar een initiatief was van een stelletje wilde jongens was en geen lang leven beschoren zou zijn. Dit gaf spelers en leden zo'n 'drive' dat kampioenschap op kampioenschap volgde. Het krijgen van een rugbyveld in Sassenheim viel niet mee en werden vele pogingen ondernomen. Zo werd er getracht een veld te maken op het toenmalig braakliggende terrrein van Maarten Verschoor. Ere kwam zelfs landelijke steun vanuit de geledingen van de Nederlandse Rugby Bond. Het toenmalige lid van bestuur: Leo van Herwijnen was zo bewogen met The Bassets. Hij ging binnen de gemeente de diverse gesprekken aan, waaronder bij de Sikkens (nu AKZO). Hij trachtte The Bassets onder te brengen op het sportpark van GWS. Door al deze actie werd het de Sassenheimse politiek langzaam duidelijk dat deze wilde jongens het serieus meenden. Rond 1980 startte een grote politieke lobby van de VVD om The Bassets een eigen veld te geven. Toenmalige raadsleden Ben Rotteveel en Guiddie Cigaar en niet veel later ook wethouder Theo van der Plas maakten zich in de Raad sterk voor The Bassets. Dit resulteerde in 1981 tot het mogen gebruiken van het schoolsportveld. Tegelijkertijd verhuisden The Bassets uit bar 't Zoldertje naar het clubhuis van voetbalvereniging Teylingen. Een zeer welkom, maar tijdelijk onderkomen, waarmee in ieder geval de afstand tussen wedstrijd en derde helft was bekort. De plannen voor een eigen clubhuis lieten echter niet lang op zich wachten. een eigen clubhuisOp 12 december 1983 openden toenmalig burgemeester Kret en jongste clublid Peter Wilbrink het eerste eigen clubhuis van The Bassets. Een gezellig honk wat met grote zelfwerkzaamheid, inzet en eigen financiële middelen op de fundamenten van een op het veld aanwezig oud muziekpodium was gebouwd. Alle Bassets waren terecht trots op hun eigendom en bewijs van bestaansrecht.Dit enthousiasme sloeg al snel over naar de gemeenteraad: men introduceerde er bv. het begrip 'Bassetiseren' als er geen geld beschikbaar was voor bepaalde projecten. Raadslid Ben Rotteveel nam later ook het voorzitterschap over van Willem de Jong. Het clubhuis werd een belangrijk ontmoetingspunt en bron van inkomsten. Hierdoor kon de vereniging goed doorgroeien.
volwassen verenigingIn de tijd van de bouw van het clubhuis had ook een nieuwe trainer zijn intrede gedaan bij The Bassets: Jan Schaap van de Haagsche Rugby Club. Hij bracht 'de wilde jongens' kernbegrippen als sociaal, discipline en motivatie bij en leerde hen wat een rugbyvereniging echt inhield.In deze ontwikkelingen van de vereniging groeiden ook de behoeften. Met de inkomsten uit het clubhuis werden kleedkamers gebouwd in het oude gebouw van de Sassenheimse tennisvereniging en er werd een eigen lichtinstallatie aangelegd. Allemaal onder de vlag van het 'Bassetiseren'. De lichtinstallatie werd officieel in gebruik genomen tijdens een bezoek van de Nieuw Zeelandse All Blacks onder 21 jr. In 1985 promoveerde het eerste team naar de hoogste competitieklasse van Nederland: de ereklasse. Begin jaren '90 werd het handhaven in deze klasse vooral moeilijk doordat veel spelers van het eerste uur waren gestopt en de eerste jeugdgeneratie het vaandel nog niet kon overnemen. Dit kwam de motivatie van de spelers niet ten goede en Willem de Jong en Mark Remon introduceerden toen het 'Smiling Basset' plan. Dit plan bracht een nieuwe structuur in de club en zette de vereniging weer op een groeiend spoor. Hiermee bevestigde The Bassets wederom haar ondernemende en voortdurend actieve karakter waar zij om bekend stond. In deze nieuwe ontwikkelingen werd ook duidelijk hoe de club uit haar jasje aan het groeien was. Het clubhuis was uitgedijd tot Bruine Kroeg en stond niet echt open voor nieuwe leden. Dus startten de discussies over een accommodatie die meer bij de eisen van de vereniging en de tijd zou aansluiten. Dit mondde uit in de bouw van een geheel nieuw clubhuis aan de Vijfmeiweg. De jaren van zelfwerkzaamheid werden uiteindelijk beloond met een prachtig geheel. Om een idee te krijgen t.a.v. het rendement: The Bassets investeerde zelf in 10 jaar ongeveer € 68.000,- vaak met persoonlijke garanties van bestuursleden voor de afbetaling (wat overigens geheel is gebeurd). Nu had ze er een nieuwe accommodatie van zo'n € 816.000,- voor terug. Het Smiling Basset plan was afgerond en een nieuwe fase van de vereniging was begonnen... 25 jaar voorzitters
|
Het vinden van een naam was niet gemakkelijk. De naam 'Rugbyclub Sassenheim' bleek geen optie. In diverse besprekingen met de gemeente over een eigen veld en clubhuis werd het verenigingsinitiatief niet echt met open armen ontvangen. Het werd gezien als een opwelling van een stel wilde inwoners, er was al een enorm veldentekort en tja... wat was rugby nu eigenlijk? Toen het bestuur voor een van die besprekingen eens werd afgescheept met de woorden: "Sorry, ik heb nu even geen tijd want de thee is net ingeschonken", was definitief duidelijk dat een andere naam gekozen moest worden.







